De dramadriehoek

Vanuit kindbehoeftes of belastende patronen vanuit je familiesysteem, ben je gewend om (altijd) voor een ander klaar te staan, conflicten te vermijden of je stil te houden. Het zijn veelvoorkomende thema’s in familieopstellingen en heeft alles te maken met grenzen.

  • Een ouder die zegt: ‘Je mag niet meer achter de tv voor het eten.’ En dan na twee minuten toegeeft: ‘Ach, één aflevering nog.’ Daar sluipt de redder binnen, uit liefde (denk je), maar vooral vanuit vermijding van conflict. Terwijl een kind juist gebaat is bij standvastigheid en heldere grenzen, want grenzen bieden veiligheid. Ook iemand die zegt: ‘Wacht maar, ik help je wel even’ zonder dat je daarom vraagt of iemand die de drang heeft het iedereen naar de zin te maken (ook al gaat dat ten koste van zichzelf) is een typische redder.
  • Een partner die zucht: ‘Je bent vaker bij je vriend(inn)en dan bij mij’. De slachtofferrol, pijnlijk herkenbaar. Een werknemer die zegt: ‘Mijn leidinggevende legt steeds meer op mijn bord’. Kenmerkende zinnen van een slachtoffer zijn ‘Ze moeten altijd mij hebben’, ‘Jij snapt mij toch niet’ of ‘Laat maar zitten, ik kan dit niet.’
  • Een vriendin die zegt: ‘Ik kom altijd naar jou toe, je maakt nooit tijd voor mij’. De aanklager, teleurgesteld, maar eigenlijk verlangend naar verbinding. De leidinggevende die zijn ogen ten hemel slaat en beschuldigend zegt: ‘Jij gaat altijd op tijd naar huis, ik kan nooit op je rekenen’. Over het algemeen is de aanklager een persoon die negatief in het leven staat en vaak verbitterd is over de gebeurtenissen die zijn of haar leven hebben gevormd.

Zo draaien we rondjes in de dramadriehoek van redder, slachtoffer en aanklager, in 1968 beschreven door Stephen Karpman. Niemand is vrij totdat je grenzen stelt of je behoeftes uitspreekt. Vanuit jou als volwassene en niet vanuit kindpijnen of -behoeftes. Grenzen stellen is vaak lastig, bijna niemand doet het zonder schuldgevoel of strijd. En toch is een ‘nee’ tegen een ander een ‘ja’ tegen jezelf.

Het vraagt van ons dat we stilstaan bij waarom we doen wat we doen:

  • Red ik omdat ik bang ben om teleur te stellen?
  • Voel ik me slachtoffer, omdat ik niet durf te zeggen wat ik nodig heb?
  • Val ik aan, omdat ik me niet gezien of gehoord voel?

Elke rol is een poging om verbinding te houden, maar juist daardoor verliezen we onszelf en daarmee mogelijk ook (de verbinding met) de ander. Grenzen stellen is helder durven zijn, zonder te redden, te klagen of te verwijten. Het is zeggen: ‘Dit is wat ik wél kan en dit niet’ of ‘Dit is mijn behoefte, dit is wat ik graag wil.’ De weg uit de dramadriehoek begint wanneer jij je realiseert dat er een kindpijn onder zit, bijvoorbeeld vanuit een vroeger niet gezien worden door een ouder.

Wanneer je leert spreken vanuit wat jij voelt en nodig hebt – zonder de ander te redden, te veroordelen, te verwijten – ontstaat er iets nieuws. Echte verbinding. Geen drama. Geen strijd. Twee volwassen mensen die naast elkaar staan, in plaats van tegenover elkaar.

Ga eens op zelfonderzoek uit.

  • Wat is jouw favoriete rol?
  • Wanneer word je getriggerd in een van de drie rollen?
  • Wanneer voel je je schuldig en waar komt dat vandaan?
  • Of wanneer ben je éigenlijk boos vanuit een kindpijn?
  • Wanneer kruip je in een slachtofferrol, en kan je dat herleiden naar vroeger?
  • Durf jij een heldere grens te stellen? Doe je dat zonder verdere uitleg? Dus dat jij je ‘nee’ niet uitvoerig omkleed met redenen om jezelf vrij te pleiten of het leed bij de ander te verzachten?

Want… je schuldig voelen is vaak een emotie gebaseerd op overtuigingen dat je iets verkeerd hebt gedaan, verzuimd hebt, de ander tekortdoet of dat je niet goed genoeg bent. Deze overtuigingen zijn vaak te herleiden naar je gezin van herkomst of je familiesysteem.

En… boosheid is vaak een secundaire emotie. Achter boosheid of woede zit veelal een onvervulde behoefte (zoals respect, rust of autonomie) of een andere emotie (angst, onzekerheid, verdriet). Als je boos bent op iemand, zegt dit vaak iets over je eigen normen, waarden of grenzen die zijn overschreden. Of die je hebt laten overschrijden, omdat je geen grens aangaf. Vaak zegt het dus iets over hoe jíj met die situatie omging. 

Tenslotte… als je in een slachtofferrol schiet, neem je geen verantwoordelijkheid voor wat er gebeurt. In plaats van uit te spreken hoe je je voelt of zelf een grens aan te geven, zoek je iemand of iets buiten jezelf om de schuld op af te schuiven. Een gekke vraag misschien, maar herken je dit ook bij anderen in je familiesysteem?

Meer informatie over de rollen binnen de dramadriehoek (en daar tegenover de winnaarsdriehoek) vind je hier.

Raakt dit je, wekt het iets bij je op of wil je hier meer over weten? Bel of app me gerust. Wil je op de hoogte blijven van nieuwe blogs, abonneer je dan op mijn Whatsappkanaal.